Laten wij vanuit de aarde de hemel bereiken
- 20 uur geleden
- 6 minuten om te lezen
De mens had zich zo misgaan dat er geen uitweg meer was dan de vloed (Genesis 6:13). En na de vloed kreeg de mens de opdracht van God om heen te gaan en de aarde te bevolken (Genesis 9:1). Maar de mens was nog steeds slecht van zijn jeugd af (Genesis 8:21) en besloot wederom te rebelleren tegen zijn Schepper. En zo kwam het dat de mensen trokken naar een vlakte, genaamd Sinear.
De naam Sinear
De naam Sinear betekent mogelijk uitwerping, naaktheid. En dat zijn toepasselijke betekenissen. Adam en zijn vrouw waren naakt. Door hun rebellie was Gods heerlijkheid van hen verdwenen en daarom waren zij naakt. En dat wisten Adam en zijn vrouw, die naaktheid maakten hen bang voor hun Schepper (Genesis 3:10). En door hun rebellie, door hun zonde werden zij buitengeworpen. En het is juist op deze plaats dat de mensen besloten een stad te bouwen met een toren. Toeval bestaat niet in Gods Koninkrijk.
Deze stad en toren werden vermoedelijk gebouwd door Nimrod. Hij was verwekt door Cusj (Genesis 10:8). En in Genesis 10, vers 10 lezen we hoe zijn koninkrijk bestond uit Babel in het land Sinear. Hier, in Sinear, besloot de mens om te gaan wonen. Geen verspreiding over de gehele aarde maar blijven op één plek. God wist dat Hij de aarde ging verdelen (Genesis 10:25) en om die reden zouden de mensen verspreid moeten zijn voordat dit zou gebeuren. De mens kende het gebod van God maar besloot bewust tegen Hem in te gaan.
Los van de rebellie om de aarde te bevolken, besloten de mensen om een stad en een toren te bouwen. Een toren waarvan de top in de hemel zou reiken. Persoonlijk denk ik niet dat hier geschreven wordt over een wolkenkrabber. De mens was iets veel groters van plan. Men had hetzelfde verlangen als de boze:
En ú zei in uw hart: Ik zal opstijgen naar de hemel; tot boven Gods sterren zal ik mijn troon verheffen, ik zal zetelen op de berg van de ontmoeting aan de noordzijde. Ik zal opstijgen boven de wolkenhoogten, ik zal mij gelijkstellen met de Allerhoogste. Jesaja 14:13-14 HSV
Mensen waren intelligent, heel erg intelligent.
Onze huidige wetenschap en ons onderwijs wil ons doen geloven in evolutietheorie. De mens zou daarin eenzelfde voorouder hebben als de apen. Je ziet hier ook de afbeeldingen van de aapmens in terugkomen. Maar ik denk dat de mens helemaal niet zo dom was als men ons wil doen geloven in de wereld. We vinden objecten in bijvoorbeeld piramides die we helemaal niet kunnen verklaren. Met onze hedendaagse technologie is het niet eens mogelijk deze objecten te maken dan wel te verplaatsen. Daarnaast is er nog een argument waarom ik denk dat de mens heel erg slim was. De mensen werden na de vloed nog steeds oud. Sem, de zoon van Noach, werd 600 jaar oud. Sem zijn zoon, Arfachsad, werd 438 jaar en diens zoon, Selah, werd 433 jaar oud.
Mensen die oud worden hebben het vermogen heel veel kennis te vergaren en zich te blijven ontwikkelen. De mensen die Babel bouwden waren allerminst dom. Ze hadden misschien niet de technologie die wij nu hebben, misschien wel betere technologie, maar hoe dan ook waren ze in staat dingen te doen met middelen die wij met onze “moderne technologie” niet kunnen. En omdat zij één volk en één taal hadden, ontwikkelden zij zich nog veel en veel sneller.
Een taal en één volk
Mensen werden oud, ze bleven zich ontwikkelen en waren allerminst dom en primitief. Zij waren één volk met één taal. Dat moet ons aan het denken zetten als we kijken naar onze tijd. Een verenigd Europa dat dezelfde taal spreekt en één taal moet zijn. Het is dezelfde geest als de mensen die neerstreken in het land Sinear. De mens probeert met een wereldtaal één volk te zijn maar dat is het nog steeds niet. Dat het één volk met één taal was in de tijd van Babel in Genesis 11 zegt ons dat ze één van denken waren en een eenheid vormden. Maar die eenheid was niet uit God. God werd in Zijn geheel buitengesloten. En deze eenheid stelde de mens in staat om dingen te doen en God zegt daar iets over. Het laat aan duidelijkheid niets te wensen over.
en de HEERE zei: Zie, zij vormen één volk en hebben allen één taal. Dit is het begin van wat zij gaan doen, en nu zal niets van wat zij zich voornemen te doen, voor hen onmogelijk zijn. Genesis 11:6 HSV
Deze stad en toren waren nog maar het begin, zo lezen we in dit vers. En dat zij een eenheid waren stelde hen in staat dat alles mogelijk voor hen was. Hun voornemen zou slagen. De mensen waren niet bezig om een toren te bouwen die vergelijkbaar was met een wolkenkrabber. Deze toren zou veel groter worden. Op de website van Bijbelse plaatsen lezen we over hoe op de top van de toren van Babel zich een heiligdom bevond. Daar zou de afgod Mardoek op een gouden bed de nieuwjaarsnacht hebben doorgebracht met de uitgekozen Babylonische maagden. Dit klinkt heel erg als Genesis 6:2 en 4.
Paulus waarschuwt ons dat wij geen gemeenschap moeten hebben met boze geesten (1 Korinthe 10:20). Babylon was gemeenschap met de boze geesten en dat zal weer gebeuren. Rebellie, ongezeggelijkheid, is zonde der toverij. In het verhaal van Mardoek lezen we het en ook later als we in het boek Daniël lezen over Babylon lezen we over occultisme, over tovenarij.
Babylon komt steeds weer terug
Babel, Babylon, het komt steeds terug. In de Openbaring lezen we over deze stad en hoe er voorgoed met haar afgerekend zal worden. Maar daarvoor zal er een leider komen die onoverwinnelijk lijkt, een geweldenaar. En hij zal macht hebben over elke stam, taal en volk. Dit is de antichrist. Hij zal van de mensen één volk maken en één taal zoals in het land Sinear. En hij zal godslasterlijke woorden spreken om de Naam van God te lasteren (Openbaring 13:6-7). De mensen zullen het beest en de draak aanbidden. De mens wil alles aanbidden als het God en Zijn Gezalfde maar niet zijn. We aanbidden onze ruimtevaart, onze technologie zoals AI. Het is geen toeval dat de laatste ruimtemissie met een raket die (schijnbaar) de ruimte in is gegaan vernoemd is naar de afgod Artemis. De Artemis van Efeze, een afgodstempel. En deze tempel is een van de zeven wereldwonderen van de antieke wereld. De wereld heeft het hare lief.
De mens heeft nog steeds dat verlangen om zich aan God gelijk te stellen. Het is de leugen waarmee de mens verleid werd in de hof (Genesis 3:5) en het is de leugen waar de boze aan het einde ook de volken zal verleiden (Openbaring 20:8). Wij willen onze troon aan de sterren gelijkstellen. De mens wilde zich eerder niet verspreiden over de aarde, nu wil de mens deze aarde verlaten en zich koloniseren op planeten zoals Mars. Als je de namen van deze planeten opzoekt dan kom je elke keer uit op afgoderij. De mens wil goddelijk zijn en zijn verlossing buiten God om verkrijgen. Babylon zal de beker drinken van Gods toorn en zo zal er een einde komen aan haar tovenarij (Openbaring 18:23).
De echte eenheid
Ik in hen, en U in Mij, opdat zij volmaakt één zijn en opdat de wereld erkent dat U Mij gezonden hebt en hen liefgehad hebt, zoals U Mij hebt liefgehad. Johannes 17:23 HSV
De tegenstander probeert altijd alles na te maken wat God heeft gemaakt. De echte eenheid is te vinden in Jezus Christus alleen, Gods Zoon. Dat wat God geeft is het beste en blijft voor altijd bestaan. Uit de grote verdrukking zal een volk komen uit elke natie, stam, volk en taal (Openbaring 7:9). En zij zullen onze God aanbidden en het Lam van God. God zal zichzelf een volk verwerven dat één zal zijn door de Geest van God.
Onze God is de Schepper van hemel en aarde. Hij verwarde de spraak en zo kwam er verdeeldheid. En elk koninkrijk dat tegen zichzelf verdeeld is zal ten val komen (Marcus 3:24). Maar Gods Koninkrijk zal niet verdeeld zijn, het is volmaakt. En er komt een dag dat Gods geliefde stad zal nederdalen uit de hemel. Het nieuwe Jeruzalem. Het beste komt altijd uit de hemel en niet uit de aarde. De mens wilde met Babel de hemel bereiken uit de aarde. Maar de hemel kwam naar ons toe. God stuurde Zijn Geliefde Zoon. Hij kwam om ons leven te geven en overvloed. God riep Abraham na Babel en zo werd Gods Naam verkondigd over de aarde. God formeerde Israël en Hij zal Israël volkomen herstellen.
De stad van de vrede, de echte vrede, Jeruzalem. Jezus zal regeren vanuit deze stad als Hij het Koninkrijk van Zijn Vader zal laten komen. En het zal eeuwige vrede zijn als het nieuwe Jeruzalem zal komen. De mens zal nooit meer buitengeworpen worden, wij zullen nooit meer naakt zijn. Wij zullen weer bekleed worden met Gods heerlijkheid als onze naam is opgetekend in het Boek des Levens. De dood en het dodenrijk zullen in de poel van vuur geworpen worden.
God hoefde ons niet te redden, Hij was ons alleen Zijn toorn verschuldigd. Maar Hij heeft, in Zijn grote barmhartigheid, omgekeken naar Zijn Schepping en Hij stuurde Zijn Zoon om ons te redden. De dag die Abraham heeft gezien. Aan Babel zal nooit meer gedacht worden. Er zal niets onreins meer zijn. De toekomst is prachtig en vol van hoop. En dat alles is niet door ons maar door onze God, de enige Waarachtige God en Zijn Geliefde Zoon door Wie wij de Heilige Geest hebben ontvangen. Alle eer aan God de Vader en God de Zoon.




Opmerkingen